Seetjang Yu (rechts) en haar man Leo Hu in hun cafetaria lunchroom 't Bakhuus, dat volledig coronaproof is.
Seetjang Yu (rechts) en haar man Leo Hu in hun cafetaria lunchroom 't Bakhuus, dat volledig coronaproof is.

De lokale horeca juicht voorzichtig

De wereld draait weer, het leven komt weer op gang. Daar willen we als redactie bij stilstaan. Natuurlijk was het moeilijk en natuurlijk zijn niet alle problemen van de ene op de andere dag verdwenen. Er zijn genoeg ondernemers die soms woelend wakker worden omdat weer die ene vraag door hun hoofd gaat: ga ik het redden? Daar kunnen we trouwens allemaal aan bijdragen door te kopen bij lokale bedrijven.

Hieronder doen we verslag van de ervaringen van de eigenaren van drie lokale horecabedrijven: Restaurant ’t Raedthuys in Duiven, Zalencentrum Berentsen in Loo en Cafetaria-lunchroom ’t Bakhuus in Duiven. Ze juichen voorzichtig.

Restaurant ’t Raedthuys
Zoals veel horecabedrijven gebruikten Hans den Engelsen en Karina van der Kolk de corona-lockdown voor opknapwerkzaamheden. De keuken van het Duivense Michelin-sterrenrestaurant is vernieuwd en het restaurantdeel opnieuw geverfd. De plannen zaten al in de pen, maar werden door de gedwongen sluiting naar voren gehaald.

Hans den Engelsen: “De keuken is helemaal vernieuwd. De vloer, de wanden, alle leidingen, de apparatuur, alles. We hebben ook een raam laten maken tussen de keuken en het restaurant, zodat er meer contact is tussen keukenbrigade en gasten. Ook de klapdeurtjes tussen beide ruimten zijn er uit.”

’t Raedthuys is sinds 2013 in het bezit van een Michelinster. Begin dit jaar werd de ster opnieuw toegekend en maakten de eigenaren zich op voor een mooi jaar. Enkele weken later echter moest de tent dicht. Volgens Den Engelsen is het aan ‘het nodige vet op de botten’ te danken dat het bedrijf nog bestaat. Twee weken na de heropening kan hij melden dat het goed gaat. Hans: “Het is zelfs beredruk. We hebben nu ruimte voor dertig couverts. Verdeeld over lunch en diner komen we op veel dagen aan zo’n veertig couverts. Dat is mooi.” Zijn verklaring voor de grote toeloop is die van een echte chef-kok. “Mensen hebben tien weken thuis moeten eten. Die willen wel weer eens iets écht lekkers op hun bord.”

In het voordeel van restaurant ’t Raedthuys is dat de anderhalve meter-maatregel niet heel veel consequenties heeft. De tafelopstelling was toch al ruim. Hans den Engelsen: “We hebben alleen wat kleine aanpassingen gedaan. En we maken nu wat meer gebruik van de ruimten op de eerste verdieping van ons restaurant.”

“Heb je genoeg zo? De lunchgasten komen binnen, ik moet aan het werk!”

Zalencentrum Berentsen
“Schrijf maar op: ik ben heel tevreden, het loopt perfect.” Hier spreekt Wout Berentsen van het gelijknamige zalencentrum in Loo. Hij gooide zijn terras gelijk open toen het op 1 juni weer mocht en had, net als alle andere horecaondernemers, het geluk dat de zon die tweede pinksterdag uitbundig scheen. Daarna werd het minder. Omdat terrassen zich nu eenmaal alleen vullen met goed weer, schommelt de belangstelling ook bij Berentsen.

Wout: “Het is bij ons wel al gauw lekker en mensen weten dat. Bovendien hebben we de ruimte en liggen we op de route van fietstochten. Je ziet nu ook dat handballers en voetballers ’s avonds na de training bij hun club bij ons op het terras nog wat komen drinken. Omdat de kantines nog gesloten zijn. Het zorgt voor een hoop gezelligheid en vanwege de ruimte is anderhalve meter geen probleem. Mensen houden zich er over het algemeen goed aan.”

Op vrijdagen, zaterdagen en zondagen is ook het à la carte-restaurant van Zalencentrum Berentsen weer open. Reserveren is verplicht en dat is maar goed ook. Wout: “We zijn heel vaak volgeboekt. Ook voor binnen geldt dat we ruimte hebben. Wat dat betreft zitten we in een bevoorrechte positie. Ik benijd collega’s die een kleine zaak hebben niet.”

Zalencentrum Berentsen in Loo is van oudsher een bedrijf dat het moet hebben van grote feesten als trouwerijen en verjaardagen. De laatste jaren zijn het restaurant en het terras belangrijker geworden, maar Wout Berentsen vergeet niet waar hij vandaan komt. “Grote feesten blijven we graag faciliteren. Daar hebben we de accommodatie voor. Nu mag het nog niet, maar voor 2021 hebben we alweer wat boekingen staan. Het zou mooi zijn als het dan weer mag.”

Cafetaria 't Bakhuus
‘Gebeurt dit echt, moeten wij dicht?’ Seetjang Yu en haar man Leo Hu konden het in eerste instantie, op 15 maart, niet geloven. Toch waren ze in zekere zin ook opgelucht dat de knoop door de overheid werd doorgehakt. Een dag eerder kozen ze er zelf al voor hun medewerkers die zondag niet meer te laten werken. Seetjang: “We hadden gehoord dat ook jonge mensen op de IC terechtkwamen en konden overlijden. Daarom vonden we het niet verantwoord. Gezondheid gaat altijd voor.”

Net als andere (horeca)ondernemers piekerden Seetjang en Leo de weken en maanden na 15 maart over hun toekomst. Hoelang gaat dit duren en hoe pakt dit financieel uit? Seetjang: “We waren behoorlijk gestrest. Gelukkig kwamen we wel in aanmerking voor de financiële regelingen van de overheid.”

Op 20 mei ging de afhaal weer open en op 1 juni ook de cafetaria-lunchroom. De nieuwe situatie, met de anderhalve meterregel, is voor iedereen wennen, ondanks looproutes en aanwijzingen waar klanten mogen staan en zitten. Als het druk is worden klanten door het personeel indien nodig aangesproken. Bij drukte draagt het personeel mondkapjes, vooral omdat ze dan harder moeten praten. ’t Bakhuus krijgt regelmatig complimenten van klanten voor de wijze waarop ze het geregeld hebben.

Een interessante vraag is of Seetjang Yu en Leo Hu aangesproken zijn op hun Chinese achtergrond. China is toch het land waar het virus vandaan komt. Seetjang: “Op straat heb ik wel het gevoel dat mensen wat meer naar me kijken, maar in de zaak hebben we nauwelijks negatieve reacties gehad. Alleen van een dronken man en een keer van een groepje jongeren. De meeste reacties waren begripvol. Mensen vonden het vooral jammer dat we dicht waren. Bij mijn zussen in Almere is dat trouwens wel anders. Het verschil misschien tussen een dorp en een stad.”

Meer berichten

Het lokale nieuws in uw mailbox ontvangen?

Aanmelden